Gratis breipatroon Celine Jas

celine jas

Wie dacht niet van het breiende type te zijn, zal zich snel bekeren bij het zien van deze jas. Celine is een echte musthave,zeker in zo’n sprankelende kleur!

Celine Jas

Model

Maat 36/38 – 40/42 – 44 – 46 – 48

foto 1 pdf celine jas 

Benodigdheden

  • Breinaalden nr. 8
  • Maasnaald
  • Woldikte 10-12

foto 4 celinejas pdf NL

1 bolletje van 100 gr bevat in dit geval 66 m

Gebruikte steken

Ribbelsteek: alle naalden rechts breien

Afmetingen

foto 2 celinejas pdf NLfoto 3 celine jas pdf NL

Proeflap

Maak eerst een proeflap van 10×10 cm in ribbelsteek. Gebruik naalden nr. 8. Zet 11 steken op een naald en brei 20 naalden. Is je lapje breder geworden dan 10 cm, gebruik dan een dunnere naald. Is je lapje smaller geworden, gebruik dan een dikkere naald om de juiste maat te verkrijgen.

Werkbeschrijving

RUGPAND

1. Zet 56 st (36/38), 59 st (40/42), 63 st (44), 67 st (46), 70 st (48), op met naalden nr. 8. Tip: brei voor deze trui steeds de eerste steek van elke naald. Zo krijg je een mooie rand.

2. Brei 30 nld in ribbelsteek. Minder daarna aan beide zijden 1 st door in het begin van de nld 2 st samen te breien in de achterste lus, en op het einde van de nld 2 st samen te breien in de voorste lus (deze manier van minderen wordt in de volgende stappen op dezelfde manier uitgevoerd). Brei verder tot 38 nld vanaf de opzet.

3. Minder in de 39 ste nld 1 st aan beide zijden. Brei verder tot 46 nld.

4. Minder in de 47 ste nld 1 st aan beide zijden. Brei verder tot 70 nld.

5. Meerder daarna 1 st aan beide zijden door 1 st te breien in de voorste lus, en 1 st te breien in de achterste lus van dezelfde st (deze manier van meerderen wordt verder altijd op dezelfde manier uitgevoerd). Brei verder tot 74 nld. Je hebt nu 52 st (36/38), 55 st (40/42), 59 st (44), 63 st (46), 66 st (48) op de nld.

6. Plaats een merkteken. Vanaf dit punt moet je minderen voor de raglanmouw. Tip: gebruik voor het merkteken een eindje draad in een opvallende kleur en plaats deze vlak voor je laatste steek.

7. Brei 2 st en brei daarna de 3e en de 4e st samen in de achterste lus. Brei op het einde van de nld de 4e laatste en de 3e laatste st samen in de voorste lus. Eindig de nld met 2 st. Deze manier van minderen wordt in de volgende stappen op dezelfde manier toegepast (voor de raglanmouw). Brei vervolgens tot 88 nld vanaf de opzet, waarbij je elke 2e nld mindert aan beide zijden op deze manier.

8. Brei vervolgens tot 92 nld vanaf de opzet zonder minderen voor maat 36/38. Brei voor de andere maten (40/42, 44, 46, 48) tot 90 nld vanaf de opzet waarbij je telkens 1 st mindert aan beide zijden. Brei daarna tot 92 nld zonder minderen.

9. Minder in de volgende naald 1st aan beide zijden. Brei terug zonder minderen (= 94 nld).

10. Brei 4 nld zonder minderen voor de maten 36/38 en 40/42 (= 98 nld). Brei voor de andere maten (44, 46, 48) aan beide zijden 1 st minder in de 1ste nld. De volgende 3 nld brei je zonder minderen (= 98 nld).

11. Minder in de volgende nld voor alle maten 1 st aan beide zijden. Brei de volgende 3 nld zonder minderen (= 102 nld). Je hebt nu 34 st (36/38), 35 st (40/42), 37 st ( 44), 41 st (46), 44 st (48) op de nld.

12. Minder daarna 5x elke 2e nld aan beide zijden 1 st (= 112 nld). Er zijn nog 24 st (36/38), 25 st (40/42), 27 st (44), 31 st (46), 34 st (48) op de nld.

13. Brei zonder minderen nog 16 nld voor de kraag.

14. Kant soepel af.

VOORPAND

15. Zet 30 st (36/38), 32 st (40/42), 34 st (44), 36 st (46), 38 st (48) op met naalden nr. 8.

16. Brei 30 nld in ribbelsteek. Minder voor alle maten 1 st. Brei zonder minderen verder tot 38 nld vanaf de opzet.

17. Minder voor alle maten 1 st. Brei verder tot 46 nld.

18. Minder voor alle maten 1 st. Brei verder tot 70 nld.

19. Meerder voor alle maten 1 st. Er zijn 28 st (36/38), 30 st (40/42), 32 st (44), 34 st (46), 36 st (48) op de nld.

20. Brei nog 4 nld en plaats een merkteken (= 74 nld). Vanaf dit punt moet je minderen voor de raglanmouw op dezelfde manier als in het rugpand.

21. Minder in de 1ste nld voor alle maten 1 st voor de raglanmouw en brei terug. Herhaal deze 2 nld tot 88 nld.

22. Brei voor de maat 36/38 zonder minderen 4 nld (= 92 nld). Brei voor de andere maten (40/42, 44, 46, 48): 2 nld (= 90 nld), minder in de volgende nld 1 st en brei terug (= 92 nld).

23. Minder in de volgende nld 1 st. Brei terug zonder minderen (= 94 nld).

24. Brei 4 nld zonder minderen voor de maten 36/38 en 40/42 (98 nld). Minder voor de andere maten (44, 46, 48) 1 st in de 1ste nld. De volgende 3 nld brei je zonder minderen (= 98 nld).

25. Minder in de volgende nld voor alle maten 1st. Brei de volgende 3 nld zonder minderen (= 102 nld). Je hebt nu 19 st (36/38), 20 st (40/42), 21 st (44), 23 st (46), 25 st (48) op de nld.

26. Minder in de volgende nld voor alle maten 1st. Brei de volgende 5 nld zonder minderen (= 108 nld).

27. Minder in de volgende nld en de 3de nld voor alle maten 1 st. Brei de andere nld zonder minderen (= 112 nld). Er zijn nog 16 st (36/38), 17 st (40/42), 18 st (44), 20 st (46), 22 st (48) op de nld.

28. Brei zonder minderen nog 16 nld voor de kraag.

29. Kant soepel af.

30. Herhaal stap 15 tem 29 in spiegelbeeld.

MOUW

31. Zet 21 st (36/38), 21 st (40/42), 22 st (44), 22 st (46), 22 st (48), op met naalden nr. 8.

32. Brei 6 nld.

33. Meerder 1 st aan beide zijden door 1 st r te breien in de voorste lus, en 1 st te breien in de achterste lus van dezelfde st (deze manier van meerderen wordt in de volgende stappen op dezelfde manier uitgevoerd). Ga verder tot de 12e nld.

34. Meerder 1 st aan beide zijden. Meerder dan 8x elke 8e nld 1 st aan beide zijden. Er zijn dan 41 st (36/38), 41 st (40/42), 42 st (44), 42 st (46), 42 st (48) op de nld.

35. Brei verder tot 84 nld.

36. Plaats een merkteken. Vanaf dit punt moet je minderen voor de raglanmouw.

37. Minder in de 1ste nld 1 st voor de raglanmouw en brei terug (voor alle maten). Herhaal deze 2 nld tot 100 nld. Brei 4 nld (= 104 nld). Je hebt nu 25 st (36/38, 40/42), 26 st (andere maten) op de nld.

38. Minder 1st aan beide zijden, brei 2 nld (= 106 nld).

39. Minder 1st aan beide zijden, brei 4 nld (= 110 nld).

40. Minder 1st aan beide zijden, brei 4 nld (= 114 nld).

41. Minder 1 st aan beide zijden, brei terug. Herhaal deze 2 nld tot 124 nld. Er zijn nog 7 st (36/38), 7 st (40/42), 8 st (44, 46, 48) op de nld.

42. Brei zonder minderen nog 16 nld voor de kraag.

43. Kant soepel af.

AFWERKEN

44. Leg het rug- en voorpand op elkaar. Speld de zijnaden en naai met de matrassteek het werk dicht tot aan het merkteken.

45. Naai met de matrassteek nu ook de zijnaden van de mouwen dicht tot aan het merkteken.

46. Speld de raglannaden van de mouwen aan het werkstuk en naai dicht met de matrassteek. Tip: Hou bij het afzetten voldoende draad over. Op het ogenblik dat je de stukken aan elkaar zet, kan je daarmee eventueel nog een extra naald breien om een egale kraag te verkrijgen.

47. Stop de draden in.

48. Leg het werk vlak en laat het geheel een nacht rusten onder een vochtige doek.

Klaar!

Bekijk het gratis breipatroon