Gratis breipatroon Vince trui

vince pull

Door twee gemakkelijke breisteken af te wisselen met elkaar volgens een weldoordacht patroon, bekom je dit leuke truiontwerp!

Vince trui

Model

Maat 98 – 104 – 110 – 116 – 122 – 128 – 134 – 140 – 146

foto 1 vincetrui pdf

Benodigdheden

  • Breinaalden nr. 4 en 5
  • Maasnaald
  • Hulpdraad in een contrasterende kleur
  • Breigaren (dikte 5)

foto 2 vincetrui pdf NL

1 bolletje van 50 gr bevat in dit geval 130 m garen.

Gebruikte steken

Ribbelsteek: alle nld r breien.
Tricotsteek: 1 nld alle st r breien, 1 nld alle st av breien, steeds herhalen.
Boordsteek 2/2: 2 st r, 2 st av, steeds herhalen

Proeflapje

Maak eerst een proeflap van 10×10 cm in tricotsteek. Gebruik naalden nr. 5. Zet 16 steken op een naald en brei 26 naalden. Is je lapje breder geworden dan 10 cm, gebruik dan een dunnere naald. Is je lapje smaller geworden, gebruik dan een dikkere naald om de juiste maat te verkrijgen.

Afmetingen

foto 3 vincetrui pdf NLfoto 4 vincetrui pdf NL

Ribbelpatroon

foto 5 vincetrui pdf NLLet op!

Afhankelijk van je breistijl kan het zijn dat je werkstuk nog niet de gewenste totale hoogte heeft na het afwerken van de tabel. In dit geval wissel je nog 2 nld ribbelsteek met 2 nld tricotsteek af tot de gewenste lengte van het rug- en voorpand.

Werkbeschrijving

RUGPAND

1. Zet 50 st (98), 52 st (104), 54 st (110), 56 st (116), 58 st (122), 60 st (128), 62 st (134), 64 st (140), 66 st (146) op met naalden nr. 4.

2. Brei verder in boordsteek 2/2 gedurende 8 nld.

3. Brei verder in tricotsteek met naalden nr. 5 en volg het ribbelpatroon in de tabel. Je wisselt dus de tricotsteek en de ribbelsteek af. Het aantal st op de nld blijft ongewijzigd tot een totale hoogte van 28 cm (98), 29 cm (104), 30 cm (110), 31 cm (116), 32 cm (122), 33 cm (128), 34 cm (134), 35 cm (140), 36 cm (146). Zorg ervoor dat je eindigt met de goede kant naar je toe om de armuitsnijding aan te vangen.

4. Brei de armuitsnijding als volgt (terwijl je het ribbelpatroon in de tabel blijft volgen). Aan beide zijden afkanten in het begin van de nld: 1x 2 st, 2x 1 st (98), 2x 2 st, 2x 1 st (104 – 146).

5. Brei verder tot een totale armsgathoogte van 12,5 cm (98), 13 cm (104), 14 cm (110), 15 cm (116), 15,5 cm (122), 16 cm (128), 17 cm (134), 18 cm (140), 18,5 cm (146). Terwijl blijf je het ribbelpatroon in de tabel volgen. Zorg ervoor dat je eindigt met de goede kant naar je toe om de schoudernaad aan te vangen.

6. Brei de schoudernaad als volgt (terwijl je het ribbelpatroon in de tabel blijft volgen). Aan beide zijden afkanten in het begin van de nld: 3x 3 st (98), 2x 3 st, 1x 4 st (104), 1x 3 st, 2x 4 st (110), 3x 4 st (116), 2x 4 st, 1x 5 st (122), 1x 4 st, 2x 5 st (128), 3x 5 st (134), 2x 5 st, 1x 6 st (140 – 146). De resterende st afkanten.

VOORPAND

7. Herhaal stap 1 tot en met 4 van het rugpand.

8. Brei verder zoals beschreven bij stap 5 tot een totale armsgathoogte van 4 cm (98), 4,5 cm (104), 5 cm (110), 6 cm (116), 6,5 cm (122), 7 cm (128), 7,5 cm (134), 8 cm (140), 8,5 cm (146).

9. Brei nu voor alle maten tot aan de middelste 8 st. Kant deze 8 st af. Dit vormt het begin van de halsuitsnijding. Brei de nld verder uit. Keer om en brei tot aan de halsuitsnijding. Aan deze zijde kant je de halsuitsnijding vervolgens af als volgt: 2x 2 st, 2x 1 st (98 – 140), 2x 2 st, 3x 1 st (146) afkanten. Ondertussen brei je aan de andere zijde de armuitsnijding verder zoals beschreven bij stap 4.

10. Kant de schouder af zoals in stap 5.

11. Brei nu de andere kant van de hals en de schouder in spiegelbeeld.

MOUW

12. Zet 26 st (98), 28 st (104), 30 st (110), 30 st (116), 32st (122), 34 st (128), 36 st (134), 38 st (140), 40 st (146) op met naalden nr. 4.

13. Brei verder in boordsteek 2/2 gedurende 8 nld.

14. Brei verder in tricotsteek met naalden nr. 5. Aan weerszijden 1 st meerderen: 5x in iedere 12de nld (98 -122), 5x in iedere 13de nld (128 -146).

15. Eindig bij een totale lengte van 20 cm (98), 22 cm (104), 24 cm (110), 26 cm (116), 28 cm (122), 30 cm (128), 32 cm (134), 34 cm (140), 36 cm (146).

16. Verminder vervolgens aan weerszijden: 1x 2 st, 5x 1 st iedere nld, 4x 1 st iedere 2de nld en 5x 1 st iedere nld (98), 1x 2 st, 3x 1 st iedere nld, 7x 1 st iedere 2de nld en 3x 1 st iedere nld (104), 1x 2 st, 2x 1 st iedere nld, 9x 1 st en 2x 1 st (110), 1x 2 st, 2x 1 st iedere nld, 10x 1 st iedere 2de nld en 2x 1 st iedere nld (116), 1x 2 st, 2x 1 st iedere nld, 11x 1 st iedere 2de nld en 2x 1 st iedere nld (122), 1x 2 st, 13x 1 st iedere 2de nld en 2x 1 st iedere nld (128), 1x 2 st en 15x 1 st iedere 2de nld (134), 1x 2 st en 16x 1 st iedere 2de nld (140), 1x 2 st, 7x 1 st iedere 2de nld, 2x 1 st iedere 3de nld en 7x 1 st iedere 2de nld (146). Kant de resterende st af.

HALSBOORD

17. Zet voor de halsboord 74 st (98 – 104), 78 st (110 – 122), 82 st (128 – 146) op met naalden nr. 4, en brei 6 nld boordsteek, 1 nld tricotsteek. Kant los af met een hulpdraad in contrastkleur.

AFWERKEN

18. Naai de schoudernaden, zijnaden en onderarmnaad met een maasnaald dicht. Je kunt ook een kettingsteek toepassen met een haaknaald.

19. Leg de halsboord rond de halsuitsnijding en maas de tricotsteken aan de trui, verwijder dan de hulpdraad.

20. Naai daarna de mouwen in.

21. Pers het werkstuk lichtjes op aan de averechtse kant van het werk.

Klaar!

Bekijk het gratis breipatroon