Back to school: Konijnenrugzakje

Met een konijnenrugzakje voor de boterhammetjes of de sportspulletjes scoor je sowieso bij elk kleutertje. NUÏ zorgde voor de werkbeschrijving…

STOFKEUZE
Wij werkten met licht katoen in twee verschillende kleuren en/ of prints.

BENODIGDHEDEN
• Stof 1 (onderkant): 30 cm
• Stof 2 (bovenkant en voering): 60 cm
• Stikzijde: wit
• Stikzijde (sierstiksel): kleur is toon op toon met stof 2
• Katoenen koord ⌀ 8 mm – L 220 cm
• Patroonpapier
• Tekengerief
• Pompon ⌀ 8 cm

PATROON/AFMETINGEN
Afmetingen rugzak: ongeveer h 38 cm – b 28 cm
Patroondeel 1 (onderkant): rechthoek van h 26 x b 30 cm
Patroondeel 2 (bovenkant): rechthoek van h 16 x b 30 cm
Patroondeel 3 (voering): rechthoek van h 40 x b 30 cm
Patroondeel 4 (konijnenoren): vouw een stuk papier dubbel. Teken langs de papiervouw een half konijnenoor over een hoogte van 15 cm. Teken er 1 cm naadwaarde rond. Knip dubbel uit en vouw open.

Let op: bij alle patroondelen, behalve de konijnenoren, is 1 cm naadwaarde inbegrepen.

WERKBESCHRIJVING
Knip de patroondelen uit in patroonpapier en speld ze op de stof. Knip vervolgens:
• Stof 1: patroondeel 1 > tweemaal knippen
• Stof 2: patroondelen 2 & 3 > tweemaal knippen
• Stof 2: patroondeel 4 > viermaal knippen

Strijk de verschillende patroondelen glad. Leg de patroondelen 4 twee per twee op elkaar met de goede kanten op elkaar. Speld en stik rondom rond vast op 1 cm. Laat de bovenkant (het deel dat tussen de naad van patroondelen 1 & 2 gestikt zal worden) open! Geef kleine knipjes in de naadwaarde loodrecht op de naad (tot net tegen de naad) aan alle rondingen. Draai de oren binnenstebuiten en strijk glad. Speld de konijnenoren aan de bovenste rand van patroondeel 1 op 10 cm van de zijkant. Stik vast met een hulpstiksel op 0,8 cm van de rand. Naai patroondelen 1 en 2 aan elkaar, zie tekening hieronder.

Strijk de naadwaarde eerst open en vervolgens naar boven. Maak een sierstiksel langs deze naad. Doe dit op 2 mm aan de bovenzijde van de naad, dus op patroondeel 2. Doe dit in een kleur stikzijde die past bij stof 2.

Leg patroondeel voorkant (met konijnenoren) tegen patroondeel achterkant met de goede kanten op elkaar. Stik zijkanten en onderkant vast op 1 cm. Let op: laat een kleine opening aan de onderzijde van de zijnaden (dit is voor de draaglussen die je op het einde bevestigt).

Speld voor- en achterkant van patroondeel 3 (voering) met de goede kanten op elkaar. Stik zijkanten en onderkant vast op 1 cm. Let op: laat een opening van 10 cm aan de onderkant (dit heb je nodig om je werkje binnenstebuiten te keren). Strijk de naad- waarden open.

Je hebt nu twee zakjes, één buitenzakje met konijnenoren en één voeringzakje. Steek de twee zakjes in elkaar, met de goede kanten op elkaar. Speld de bovenranden van de twee zakjes aan elkaar en stik vast op 1 cm. Strijk de naadwaarden open. Keer het zakje binnenstebuiten via de opening in de voering. Strijk de naden glad.

Nu gaan we een tunneltje maken om de draaglussen door te steken. Geef een sierstiksel langs de bovenste rand van het zakje, rondom rond op 2 mm van de rand. Maak een tweede sierstiksel, maar dit keer op 2,2 cm van de rand. Torn beide zijnaden los tussen de twee sierstiksels in. Dit is de opening van de tunnels. Knip het katoenkoord in twee gelijke delen (2 x 110 cm). Steek het ene koord door de voorste tunnel en het andere door de achterste tunnel. Speld de uiteinden van de koorden vast aan de naadwaarde van de opening aan de onderkant van de zijnaden. Keer het zakje opnieuw binnenstebuiten en naai de openingen toe op 1 cm (met de eindjes van de draaglussen ertussen). Dun de naadwaarden uit ter hoogte van de hoekjes. Draai het zakje opnieuw binnenstebuiten. Naai de opening toe met een blinde steek. Steek de voering naar binnen. Naai de pompon op 8 cm van de onderkant.

Klaar!

Je vindt NUÏ ook op Instagram en Facebook.